Kerstmis begon vroeg deze keer. Al op 23 december. Met het 4+ concert in de Rotterdamse Doelen waar we voor het eerst met onze kleinzoon zijn geweest. Geweldig...! Edwin de Vries vertelt

met zijn spannende stemgeluid het verhaal van de Notenkraker en de zandtovenaar tovert op de klanken van het Rotterdams Philharmonisch Orkest de meest verrassende en fascinerende beelden op een groot scherm. De zaal zit vol grootouders met van die kleine umpie dumpies, net zoals wij. Een geduldige dirigent glimlacht om het onvermijdelijke geroezemoes dat dit jonge publiek meebrengt. Beseffend dat dit culturele uitstapje voeding is voor tere kinderzieltjes. Dat het mes aan twee kanten snijdt, weet hij waarschijnlijk niet eens. Want de vertedering van het zien van zoveel gefascineerde kindersnoetjes, raakt ook mijn ziel.
Het mooiste van die 23e december, moet echter nog komen: samen met opa Fred de Lego treinbaan verder afmaken. Stiekem vraag ik me af, voor wie dit plezier het grootst is...... Hoe dan ook, ze hebben vooral heel veel pret samen.
Met rode konen en helemaal voldaan gaat hij zijn bedje in; zijn allereerste logeerpartijtje. Als hij de volgende dag terug naar huis gaat, beloven we hem plechtig, dat we de treinbaan laten liggen zodat hij op 2e Kerstdag weer verder kan spelen.
Intussen stappen wij dus braaf over deze kinderwereld heen in onze woonkamer. Het emplacement neemt de nodige m2 in beslag en heeft een tamelijk ingewikkelde constructie. Opa heeft het voor elkaar gekregen de treinen via bruggen en stutwerk naar boven over de salontafel te loodsen en bovenop de tafel een wissel te plaatsen waar twee treinen elkaar kunnen passeren. En dat is nog niet alles! Er is een station, waar passagiers moeten instappen, een container emplacement, een tankstation en nog veel meer. Het bijzondere van dit hele verhaal is, dat speciale steentjes tussen de rails allemaal verschillende geluiden maken die laten weten wat zich gaat afspelen. Onze kleinzoon, die uiterst auditief is ingesteld en bepaald geen neurologisch labyrint in zijn hoofd heeft, integendeel..., heeft dus meteen een ervaring auditief kalibreren gehad.

Je kunt de verwachtingsvolle spanning voelen als het gezinnetje op tweede Kerstdag voor de deur staat. Het verlangen zó groot, dat hij - nog met zijn jas aan - alle sociale normen met voeten treedt en op DE treinbaan afrent. Natuurlijk heeft opa nog wat extra's geknutseld en wat zwaarder geschut aangebracht om niet alleen de overlevingskans van dit bouwwerk te vergroten, maar ook extra mogelijkheden. Het "tjonge jonge, nee kijk nou eens, moet je dat nou zien, hoe is het mogelijk" is dan ook feestelijke feedback voor opa.
Binnen afzienbare tijd liggen er drie generaties op de grond. Maar er is ook nog een kleindochter van 2 jaar oud. En die heeft helemaal niets met treinen en al dat gebliep en gefluit. Die heeft haar eigen werkelijkheid en die bestaat op dit moment voornamelijk uit, jawel......dansen! Balletten, om het specifieker te maken. Daarbij neuriet ze haar eigen melodieën en roept regelmatig: "Kijk eens oma, wat ik kan".
Je voelt 'm waarschijnlijk al aankomen. Dat kunnen wordt uiteraard gedemonstreerd tussen het treinemplacement. Hoogstandjes van sierlijkheid en gratie. Echt waar. Maar helaas is de treinbaar daar niet zo tegen opgewassen. Ondanks het geschut. En de zenuwen van broertje lief al helemaal niet. Regelmatig moeten instappende passagiers het ontgelden en vliegt de locomotief uit de bocht. Het valt ook niet mee om op zijn klein stukje wereld twee zulke verschillende contexten door elkaar heen te laten lopen.
De spanning tussen de beide wereldjes loopt aardig op. Zus lief stoort zich maar weinig aan de keelklanken van haar broer en papa en mama hebben hun handjes vol om de modellen van de wereld gescheiden te houden en beide tot hun recht te laten komen. Ik, als oma en (schoon)moeder, heb in deze een riante observatiepositie. Overigens niet eenvoudig. Oh nee, denk dat maar niet. Want ik zie de bui al aankomen. Die bui krijgt ernstige vormen als zusje haar nieuwste kunstje gaat demonstreren: een heuse pirouette. Met een charme van heb ik jou daar en een blik in haar ogen die veel meer zegt dan 1000 woorden.
Inwendig lig ik dubbel, maar dat kan ik niet maken. Want de schwung van deze actie sloopt zowat het hele emplacement. Consternatie alom die met de nodige emoties gepaard gaat. "Net een kleine oorlog", mompel ik in mezelf. "En het gaat wéér om dynamiek: Vrede op aarde en hier in de huiskamer een mini oorlog".
Later op de dag staat op de plek van het "slagveld" het campingbedje dienst te doen als box. De jongste telg van de familie vermaakt zich daar kostelijk met een houten kubus met gaten. Hij is zich van geen kwaad bewust en leeft op zijn manier weer zijn wereldje op diezelfde plek. Terwijl wij "gedownchunkt wildzwijn" (een term van onze zonen voor de lekkerste biefstuk die je kunt eten volgens mij) steengrillen, vraag ik me af wat er in onze harten leeft, op dit moment.